Woensdag 4 juni 2014; dag 21. Van Altnaharra (hotel Altnaharra) → via Crask Inn → Lairg → Edderton (Edderton Inn). 70 km, totaal 771,5 km gefietst. Droog, weinig wind.
Het is dag 7 van de Schepping. God kijkt met genoegen terug op zijn scheppingswerk en maakt een praatje met aartsengel Michael: 'Heb je gezien wat voor mooie bergen Ik voor de Schotten gemaakt heb? En heb je gehoord van de 2000 soorten whiskey om van te genieten na het vissen op zalm en de jacht op de herten? En de prachtige kusten met de adembenemende uitzichten die ik hen geschonken heb? Ik ben er heel, heel erg tevreden over al zeg Ik het zelf.'
De aartsengel Michael knikt instemmend, maar zegt dan aarzelend: 'Denkt U niet dat het een beetje overdreven is? Dat U de Schotten misschien iets teveel verwend heeft?' God glimlacht en zegt: 'Juist daarom heb ik hen de Engelsen als buren gegeven...'
Dit verhaal hoorde ik vanochtend in de Crask Inn. De Crask Inn is wel een hele bijzondere plek. Het is een kroeg waar je ook kunt eten en slapen midden in de barre eenzaamheid van de Highlands. Mike en zijn vrouw Kay moeten het hebben van een generator om stroom op te wekken en de warmte komt van een grote kachel die met turf wordt gestookt. Dit is in de winter een van de koudste bewoonde plekken van Schotland.
Mike is een man van weinig woorden. Als ik de gelagkamer binnenkom, is hij in de tuin bezig. Het duurt een tijdje voor hij binnenkomt en vraagt wat we willen. Hij is een compleet a-typische kroegbaas. Totaal niet bezig om iemand, wie dan ook, te behagen. Hij is gewoon aan het werk en tussendoor zet ie een kop thee voor je.
In de tuin kweekt hij allerlei soorten goenten - niet echt makkelijk onder deze omstandigheden - en 's avonds wordt er gekookt met deze zelfverbouwde spullen. Als je wilt, kun je meeeten wat de pot schaft. De Crask Inn heeft het soort ruige en eerlijke vriendelijkheid en gastvrijheid die mij erg aanspreekt.
In de donkere gelagkamer zit iedereen met elkaar te praten. Veel gasten zijn er niet. Waar zouden ze ook vandaan moeten komen?
Twee fietsers komen binnen. Het zijn David en Geoff Williams. Vader en zoon zijn bezig met een sponsoractie om geld in te zamelen voor onderzoek naar prostraatkanker. Ze fietsen van het ene eind van Groot-Brittannie (Land's End in Cornwall) naar het andere (John O'Groats in Schotland) (zie: www.williamslejog.wordpress.com). Dat is 1600 km heuvels en tegenwind in 13 dagen. Ik zou het niet kunnen. Petje af voor deze aardige mannen!
Eigenlijk bijzonder: iedere keer opnieuw merk ik tijdens deze tocht hoe verrijkend het is om gewoon met mensen te praten die je tegenkomt. Net alsof dat veel minder gebeurt in de 'beschaafde wereld' waar iedereen met z'n ogen vastgelijmd zit aan het scherm van z'n telefoon.
Als ik weg wil fietsen bij de Crask Inn, komt Mike uit de tuin en vraagt: 'Heb je wel een helm bij je? De weg hier is steil hoor!' Ontroerend, zo'n zorg voor iemand die een simpel kopje thee bij je gedronken heeft.
Aanrader: Crask Inn (40 km ten zuiden van Tongue aan de A836).