Zaterdag 7 juni, dag 24b.
Het is 16 april 1746. De 'moors' bij het kleine dorpje Culloden zijn drassig en zo vroeg in het voorjaar is het er guur. De ijskoude regen komt bij vlagen neer op de mannen van Bonnie Prince Charles. Ze zijn moe en hongerig. De meesten hebben al een dag of twee niks meer gegeten en nauwelijks geslapen. Geen goed moment en ook geen goede plek om een veldslag uit te vechten.
De Slag bij Culloden begint iets voor een uur 's middags als een kanon van de Jacobieten het eerste schot afvuurt. De strijd zal minder dan een uur duren. Als het geluid van de kanonnen en musketten wegsterft en alleen het gekreun van de gewonden nog te horen is, liggen er 1250 Jacobieten dood in de drassige moors. Een ongeveer even groot aantal is gewond. 376 van hun officieren zijn gevangen genomen. Hun moraal is geknakt.
Hun tegenstanders, de Engelse troepen, hebben 50 doden te betreuren en minder dan 300 gewonden.
Het Engelse leger, in rood gekleed en daarom 'redcoats' genoemd, zoekt die dag en de weken daarna het slagveld af en de omliggende dorpen en landerijen. Iedere gewonde Jacobiet die ze in handen krijgen, wordt op wrede wijze vermoord. De vrouwen en kinderen die meetrokken met de Jacobieten worden daarbij niet gespaard.
Talloos zijn de verhalen van brute aanrandingen, verkrachting en moord. Dit ongeacht het feit dat het doden van gewonde soldaten, laat staan van vrouwen en kinderen, een flagrante schending van het oorlogsrecht was (en is!). De aanvoerder van het regeringsleger, de duke of Cumberland, zal er de bijnaam 'the butcher', de slachter aan overhouden.
Tegen de tijd dat de zon ondergaat, ligt niet alleen het slagveld bij Culloden maar ook de hele weg naar Inverness, tien kilometer naar het westen, bezaaid met bloederige, afschuwelijk verminkte lijken.
Wat is hier eigenlijk gebeurd en vooral waarom is het gebeurd? Hiervoor moeten we een stuk terug in de geschiedenis.
De 100 jaar voor de Slag bij Culloden worden gekenmerkt door grote politieke en religieuze onrust in de dubbelmonarchie Engeland en Schotland. We hebben al eerder gezien dat rond 1570 de reformatiebeweging rond John Knox grote invloed had op het protestants worden van Schotland.
De troon van Engeland en Schotland was afwisselend in handen van de katholieke Stuart-dynastie en protestanten waaronder onze bloedeigen Willem van Oranje die in 1689 koning van Engeland werd. De Stuarts waren toen al gevlucht naar het katholieke Frankrijk.
Willem stierf in 1702 en de troon ging over in de handen van de protestantse Anne, een dochter van James VII. Toen zij kinderloos stierf, hoopten de 'Jacobieten', de voorstanders van het huis Stuart, dat James Stuart terug zou kunnen komen uit ballingschap om de troon over te nemen.
Echter, in 1701 was een wet aangenomen die bepaalde dat de monarch protestants moest zijn. Zo kwam het dat de Engelse troon in handen kwam van de Duitse (!) achterneef van Queen Anne, koning George I van het huis Hannover. Zijn jullie daar nog?
Kort en goed, ongeveer 100 jaar lang zat er dus een katholieke troonpretendent van het huis Stuart in Frankrijk en later in Rome te mokken, terwijl Engeland werd geregeerd door een wisselende serie protestantse vorsten (waaronder onze Willem) hetgeen uiteindelijk uitmondde in een Duitse vorst op de Engelse troon.
Al die tijd bleef de hoop bestaan bij veel Schotten (maar ook bij veel Engelsen) dat het huis Stuart terug op de troon zou komen. Om diverse redenen trouwens. Zo wilden de Schotten meer godsdienstvrijheid, meer economische zelfstandigheid en ze wilden af van de Unie waarbij de Engelse en Schotse parlementen in 1707 samen waren gegaan. Interessant genoeg wordt vandaag de dag een deel van deze argumenten opnieuw aangevoerd als reden om Schotland zelfstandig te maken.
Op 31 december1720 werd in Rome een kroonprins geboren, Charles Edward Stuart of Bonnie Prince Charles zoals hij genoemd werd. Zijn geboorte tijdens de jaarwisseling ging volgens de traditie samen met het verschijnen van een nieuwe ster aan de hemel. Het begin van een nieuwe tijd van voorspoed voor het huis Stuart, zo wordt gezegd.
25 jaar later staat Bonnie Prince Charles op een heuvel bij Culloden en ziet zijn leger en zijn hoop op de kroon vernietigd worden. Hij vlucht.
Meer over waarom de Slag bij Culloden een ramp werd in een volgend verhaal.
Aanrader: museum en slagveld 'Battle of Culloden', 9 km oostelijk van Inverness aan B 9006. Een van de beste musea op dit gebied die ik ooit heb gezien. Eromheen het hectares grote slagveld wat je met een gps-gestuurde audioguide kunt bezoeken.